De vergeten oorzaak van een burn-out

Toen ik vanochtend wakker werd en deed waar zo’n beetje ieder mens uit de 21e eeuw schuldig aan is: het mobieltje pakken en kijken of je tussen 23:00 ’s avonds en 07:00 ’s ochtends nog iets hebt gemist. Ah, inwoners uit Dronten hebben een zware nacht gehad door op hol geslagen kerkklokken, 250 mensen uit het dorpje Eersel experimenteren met een koolhydraatarm dieet en het Nederlands Elftal gaat nog steeds niet naar het WK. Het is maar goed dat ik dit ritueel blijf uitvoeren.

Ook staat er de website van De Volkskrant een stuk over burn-outs. Dat is in principe geen verrassing meer, want tegenwoordig valt hier wekelijks wel iets over te lezen, maar wat vandaag specialer maakte: de publicatie van nieuwe onderzoekcijfers. Universiteit Nyenrode en het digitale tijdschrift hebben 72.000 werknemers een enquête laten invullen. Hieruit bleek dat 15% van de Nederlandse vrouwen een burn-out heeft, waar dat twee jaar geleden nog 9,4% was. Ook bij de mannen was er een stijging te zien: van 6% naar 9%. Het unieke van dit onderzoek is dat er niet alleen gekeken is naar het gevoel van de persoon zelf, maar ook naar de beoordeling van een bedrijfs- of huisarts. Waarschijnlijk om te voorkomen dat er een copycat bij zit die het onderzoek verpest, al staat dit niet in de officiële verklaring.

Ook is er gekeken naar de oorzaken van deze cijfers. De Nyenrode-onderzoeker Jaap van Muijen zoekt de oorzaak bij de groei van tijdelijke contracten en inkomensonzekerheid. Hoogleraar en mede-slimmerik Toon Taris zegt echter dat ook het tegenovergestelde mogelijk is: mensen met een vast contract zullen juist eerder zeggen dat ze een burn-out hebben, want ja, je wordt toch niet zo snel ontslagen. Het ligt, volgens Taris, meer aan de economische groei. Groei betekent meer werk, meer werk betekent meer druk. Wilmar Schaufeli, collega hoogleraar van Taris, zegt dat het echter te maken heeft met de dunne huid van de millennials. We zijn door onze ouders verwend en nu lopen we met trillende beentjes en natte oogjes door de grote boze wereld, op zoek naar lieve woordjes en begrip. Kortom, de slimste mensen van Nederland kunnen geen consensus vinden. Dat hoeft ook niet. Ze zullen allemaal wel een beetje gelijk hebben.

Toen ik wachtte op de vierde hoogleraar-onderzoeker-wetenschapper-slimmerik, was het artikel ineens afgelopen. Of ik nog andere artikelen wilde lezen, werd mij gevraagd. Nee, ik wil de vierde – voor mij meest logische – oorzaak lezen. Die kwam er echter niet. Zo werd er dus geen woord gerept over beroepen die men ongelukkig maakt. Geen woord over saaie, nutteloze banen die als een dementor alle energie uit de werknemer zuigt. Banen waar je elke dag dingen doet die je niet leuk vindt. Vast contract, economische groei en een dunne huid: het zal allemaal waar zijn. Ik wil weten wat de burn-outcijfers zijn van mensen die met plezier naar werk gaan. Het kan niet anders dat deze ontzettend laag zijn. En dus rest de vraag: vergeten we bij deze onderzoeken niet een onmisbare factor: het werkgeluk.

 

Rune van der Aar